Duurzaam & Functioneel

Tweedehands design is het nieuwe statussymbool in huis

· 6 min leestijd

Een jaar geleden kon je een gebruikte design fauteuil nog voor een prikkie op de kop tikken. Nu moet je bieden om die iconische Artifort stoel te bemachtigen, en de prijzen liggen soms hoger dan wat je bij een reguliere meubelzaak voor iets nieuws betaalt. Tweedehands design is niet langer een spaarzame keuze, het is inmiddels een bewuste keuze waarmee je laat zien dat je verstand hebt van goede vormgeving. Steeds meer mensen zoeken bewust naar een stuk met een verhaal in plaats van iets fabrieksnieuws uit de showroom.

Platforms als Whoppah maken vintage toegankelijk

De grootste aanjager van deze verschuiving is de opkomst van gespecialiseerde tweedehands designplatforms. Whoppah, opgericht door Thomas Bunnik en zijn vrouw, groeide van een idee tijdens een reis naar een internationale marktplaats met een omzet die inmiddels in de tientallen miljoenen loopt. Waar je vroeger uren moest zoeken op kringloopsites of markten, vind je nu binnen een paar klikken een gekeurde Gispen kast of een originele Pastoe ladenkast, compleet met herkomstverhaal en echtheidscheck.

Naast Whoppah zijn er inmiddels tientallen alternatieven: Reliving richt zich op vintage merken als Polspotten en Urban Nature Culture, Pamono verbindt je met internationale dealers, en IDEO Design verkoopt gerenommeerde klassiekers van Vitra, Knoll en Fritz Hansen. Die concurrentie houdt de kwaliteit hoog en het aanbod groot, waardoor tweedehands design geen zoektocht meer is maar een volwaardig alternatief voor de meubelboulevard. Zelfs fysieke winkels spelen erop in: Nederland telt inmiddels meer dan driehonderd zaken die opgeknapte meubels verkopen, en ook grote spelers zoals IKEA experimenteren op sommige locaties met een tweedehandsafdeling naast het reguliere assortiment.

Duurzaamheid zonder concessies aan stijl

Wie tien jaar geleden voor duurzaam interieur koos, moest vaak inleveren op vormgeving. Dat is nu omgedraaid. Een tweedehands designstuk heeft al bewezen dat het decennia meegaat, en je voorkomt de productie van een nieuw exemplaar met alle grondstoffen en CO2-uitstoot van dien. De keuze voor vintage past bij een bredere beweging waarin consumenten bewuster kopen en langer meegaan belangrijker vinden dan snel wisselen. Die mentaliteit zie je trouwens niet alleen bij meubels: ook in de kledingbranche maken tweedehandswinkels een enorme opmars, zoals de NOS eerder al meldde. Wil je je huis nog verder verduurzamen, dan sluit dat mooi aan bij het idee achter een digitaal materiaalpaspoort voor je meubels, waarmee je straks precies weet waar elk onderdeel vandaan komt.

Hoe je echt design herkent (en fakes vermijdt)

De populariteit van vintage design brengt ook namaak met zich mee. Let bij twijfel altijd op het merkstempel of de gietvorm aan de onderkant van een stoel of tafel, dat ontbreekt bijna nooit bij een origineel. Vraag naar de herkomst: een verkoper die het bouwjaar, de ontwerper en eventueel een aankoopbon kan noemen, is doorgaans betrouwbaarder dan iemand die alleen "vintage jaren zeventig" als omschrijving gebruikt. Kijk ook naar de materialen. Echte Leolux- of Artifort-stukken zijn vaak zwaarder en steviger afgewerkt dan latere kopieën, iets wat je met je handen sneller voelt dan met je ogen ziet. Twijfel je nog, vergelijk de vraagprijs dan met recent verkochte exemplaren op hetzelfde platform, een prijs die te mooi is om waar te zijn, is dat meestal ook. Neem ook altijd extra foto's op van details als naden, scharnieren en het onderstel voordat je afrekent, zo voorkom je verrassingen bij aflevering.

Designmeubels als investering

Wat deze markt echt bijzonder maakt, is dat de gewilde stukken in waarde stijgen in plaats van dalen. Leolux en Artifort zijn op dit moment de meest gezochte merken binnen tweedehands design, terwijl werk van Martin Visser de snelst groeiende categorie is. Dat is een compleet ander patroon dan bij standaard meubelzaken, waar een nieuwe bank vanaf het moment van aflevering al in waarde daalt. Een goed onderhouden designklassieker kan na tien of twintig jaar juist meer opleveren dan de oorspronkelijke aanschafprijs. Dat verandert ook hoe mensen naar meubels kijken: niet als wegwerpproduct, maar als iets waarin je investeert. Diezelfde gedachte staat centraal in ons artikel over investeren in meubilair van goede kwaliteit, en wie liever helemaal niet koopt, kan ook kijken naar meubels huren in plaats van kopen als tussenweg.

Zo begin je zelf met vintage shoppen

Begin met een stuk waar je verstand van hebt of waar je gewoon verliefd op wordt, niet met het duurste merk uit de lijstjes. Stel op een platform als Whoppah een prijsalert in voor het merk of de ontwerper die je zoekt, zodat je niet continu zelf hoeft te zoeken. Ga bij twijfel altijd langs bij een fysieke showroom van platforms als De Machinekamer of Reliving voordat je iets online koopt zonder het aangeraakt te hebben. En reken op onderhoud: een stoffering laten vernieuwen of een frame laten opknappen kost geld, maar levert vaak een stuk op dat weer decennia meegaat. Dat is precies waarom deze markt zo hard groeit: je koopt geen tweedehands compromis, je koopt een stuk geschiedenis dat langer standhoudt dan bijna alles wat nieuw in de winkel ligt.

L
Geschreven door Lieke Koopmans Styling redacteur

Lieke werkte als styliste in de mode-industrie voordat ze ontdekte dat ze liever kamers stylt dan etalages. Ze heeft een ongelooflijk oog voor de kleine dingen: een kussen dat net de verkeerde kleur heeft, een lamp die te hoog hangt, een tapijt dat twee centimeter te ver naar links ligt. Haar artikelen laten je naar je eigen kamer kijken en zien wat er mis is, en belangrijker: hoe je het met minimale moeite fixt. Ze vindt dat een goed gestyled interieur voelt als een diepe zucht van opluchting.